Het trainen van zelfbeheersing bij agressief gedrag

Het trainen van zelfbeheersing bij agressief gedrag

Productgroep WTA 2004-2
Louise Goei | 2004
3,90
Gratis voor abonnees.

Omschrijving

In dit artikel wordt aangegeven op welke wijze men door individueel gerichte trainingen de zelfcontrole van jongeren met PDD-NOS die agressief gedrag vertonen, kan vergroten. Uiteindelijk moet de beheersing van het gedrag overgenomen worden door de persoon zelf en niet blijvend steunen op de beheersing van buitenaf, zo wordt in dit artikel betoogt. Een voorbeeld uit de praktijk gebaseerd op ervaringen in De Steiger.

Summary 
This article demonstrates that young individuals with PDDNOS and aggressive behaviour who undergo specific and selective training can reduce that behaviour.This article argues that eventually the control of this behaviour must be taken over by the individuals themselves and should not be continuously dependent on control from the outside. A practical example is based upon experiences in De Steiger. 

Inleiding
Agressief gedrag is een regelmatig voorkomend probleem bij autistische jongeren. Gedragsproblemen en agressie lijken inherent aan de autistische stoornis en worden onder invloed van de adolescentiefase nog eens versterkt. De Steiger, centrum voor klinische behandeling voor jongeren met een autismespectrumstoornis, biedt klinische behandeling aan 36 jongeren in de leeftijd van 14 tot en met 21 jaar gedurende maximaal twee jaar. Eén van de toelatingscriteria is dat de jongere geen verstandelijke beperking heeft. 
Binnen De Steiger vertonen vooral de jongeren met de diagnose PDD-NOS gedragsproblemen. Deze categorie jongeren verzet zich vaak sterk tegen de aangeboden structuur. Bovendien komt een aantal van onze jongeren tijdens of na hun behandeling op De Steiger terecht in een minder gestructureerde woon/werkomgeving. Dit zijn redenen geweest om na te denken over een trainingsprogramma dat deze jongeren kan helpen hun agressief gedrag beter te reguleren.

Agressief gedrag bij autistische adolescenten
Mensen met autisme vertonen in de adolescentie vaker gedragsproblemen (Mulders, Hansen en Roosen, 1996). Deze fase betekent vaak een heropleving van temper tantrums, agressie en ander onaangepast gedrag. Dit hangt samen met de vele lichamelijke- en psychologische veranderingen, maar ook met de zwaardere eisen die de omgeving stelt. Omdat er meestal sprake is van oppervlakkige aanpassingen en aangeleerde vaardigheden, wordt de autistische jongere sociaal en emotioneel vaak te hoog ingeschat; dit gebeurt met name bij hoogfunctionerende mensen met autisme. Dit kan leiden tot depressiviteit of agressief gedrag. Agressief gedrag komt bij autistische jongeren niet frequenter voor dan in de kinderleeftijd, maar de effecten zijn ingrijpender door hun toegenomen lichaamskracht en lichaamsgrootte (Schopler en Mesibov, 1983).