Hulpmiddelen en strategieën gericht op het leren begrijpen en reguleren van emoties bij kinderen met het Asperger syndroom. Vrije vertaling van een rede gehouden tijdens het Inaugural World Autism Congress – November 2002 Tony Attwood presenteert in deze lezing een cognitieve gedragstherapie voor mensen met het Asperger syndroom.
Hij geeft praktische beschrijvingen van de specifieke aspecten in de therapie bij deze mensen waarbij de nadruk ligt op het omgaan met emoties. De affectieve educatie (het leren herkennen van en omgaan met de eigen emoties, en het leren herkennen van en rekening houden met de emoties van anderen) en de cognitieve herstructurering worden voor deze doelgroep uitgewerkt.
Summary
Tony Attwood presents in this lecture a cognitive behavioral therapy ment for individuals with Asperger syndrome. Practical suggestions are made emphasizing how to deal with emotions.The affective education (recognizing and coping with emotions in the perspective of emotions of others) together with cognitive restructuring are elaborated for our targetgroup.
Er zijn redenen om aan te nemen dat personen met het Asperger syndroom vaak secundaire stemmingsstoornissen ontwikkelen. De diagnostische criteria en de effecten van de stoornis op het sociale functioneren geven hiervoor meer dan voldoende aanknopingspunten. Uitkomsten van recent onderzoek geven aan dat er bij ongeveer 65% van de adolescenten met het Asperger syndroom sprake is van een affectieve stoornis, waaronder angststoornissen (Kim, Szatmari, Bryson, Streiner & Wilson, 2000; Ghaziuddin,Weider, Mikhail & Ghazuiddin, 1998; Gillot, Furniss & Walter, 2001; Green, Gilchrist, Burton & Cox, 2000;Tantam, 2000;Tonge, Brereton, Craig & Einfeld, 1999) en depressie (Green, Gilchrist, Burton & Cox, 2000). En ook uit onderzoek naar het gezinsverleden van kinderen met autisme en kinderen met het Asperger syndroom blijkt dat er bij hen vaak sprake is van stemmingsstoornissen (De Long, 1994; Lainhart & Folstein, 1994; Bolton, Pickles, Murphy & Rutter, 1998; Ghaziuddin & Greden, 1998; Piven & Palmer, 1999). Vooral het laatstgenoemde zou kunnen wijzen op een genetische predispositie van mensen met het Asperger syndroom voor stemmingsstoornissen. Een belangrijke vraag is waarom juist deze populatie zo vatbaar blijkt voor stoornissen in de affectieve sfeer.
Bekend is dat mensen met het syndroom van Asperger problemen hebben met sociaal redeneren, empathie, verbale communicatie, diverse cognitieve vaardigheden en sensorische perceptie. Deze problemen veroorzaken logischerwijs veel stress op momenten dat zij proberen tot sociale integratie te komen. Terwijl een verhoogd stressniveau op zijn beurt een affectieve stoornis tot gevolg kan hebben. Anders gezegd, het vaker voorkomen van affectieve stoornissen kan het gevolg zijn van zowel constitutionele- als omgevingsfactoren.