Natuurlijke selectie heeft autisme niet uitgeselecteerd

Natuurlijke selectie heeft autisme niet uitgeselecteerd

Productgroep WTA 2020-4
3,90
Gratis voor abonnees.

Omschrijving

Autismespectrumstoornis (ASS) heeft een relatief hoge prevalentie en een hoge erfelijkheid; daarnaast krijgen mensen met ASS relatief weinig kinderen. Vanuit een evolutionair perspectief leidt dit tot een paradox: waarom heeft natuurlijke selectie de genen die ten grondslag liggen aan ASS dan niet uitgeselecteerd? In de literatuur zijn drie mogelijke verklaringen beschreven om deze paradox te ontrafelen. In dit artikel worden deze uiteengezet, samen met de wetenschappelijke evidentie. Met een vierde nieuwe mogelijke verklaring wordt het artikel afgesloten.

Met een prevalentie van circa 1% komt autismespectrumstoornis (ASS) relatief vaak voor (Fombonne, 2020). De aandoening heeft een hoge erfelijkheid (Sandin, Lichtenstein, Kuja-Halkola, Hultman, Larsson, & Reichenberg, 2017). Daarnaast is bekend dat mensen met ASS relatief weinig kinderen krijgen; mannen met ASS krijgen een kwart en vrouwen met ASS de helft van het aantal kinderen in vergelijking met de algehele bevolking (Power et al., 2013). Dit is inclusief de relatief hoogfunctionerende mensen met autisme (voorheen ‘aspergersyndroom’ genoemd) en mensen met een relatief milde vorm van autisme (voorheen ‘PDD-NOS’ genoemd). Dit hangt samen met het feit dat mensen met ASS relatief vaak alleenstaand blijven (Larsen & Mouridsen, 1997). Vanuit een evolutionair perspectief leidt dit tot een interessante paradox: als mensen met ASS een relatief laag reproductief succes hebben, waarom heeft natuurlijke selectie de genen die ten grondslag liggen aan ASS dan niet uitgeselecteerd? Deze paradox heeft geleid tot vele pogingen om tot een antwoord te komen (Keller & Miller, 2006), die heel breed genomen vallen onder drie mogelijke verklaringen (die ook van toepassing zijn op andere stoornissen met een relatief hoge prevalentie, een hoge erfelijkheid en een laag reproductief succes, zoals schizofrenie).